logo


Home reisverslagen
reisverslag
reisverslagen van deelnemers

In deze sectie vindt u verslagen van dag tot dag van reizigers aan onze reizen.

 
verslag dag 1 en 2

Dag 1 en 2

Zondag 23 en maandag 24 december 2001

 

“Egypte! Wat moet je nou in Egypte!” Stof happen en oude troep bekijken. Zo reageerde één van mijn klaverjasmaten aan de vooravond van mijn vertrek.  Ik kon zijn humoristische vertaling van de woorden “zand” en “piramide”  wel waarderen. Bovendien: hij blijft thuis en wij gaan. Met een half uur vertraging en een vliegtijd van 4 uur bracht de KLM ons van Amsterdam naar Caïro. Om 01.15 uur plaatselijke tijd wisselde ik mijn eerste travellercheques in voor Egyptische ponden, maar voordat het licht in het hotel uitkon, liep het toch tegen half 4.

 

De volgende ochtend schoot al aardig op voordat we in het Egyptisch Museum stond. ( Ik kon nog weer terug naar het loket om voor ons fototoestel  een apart kaartje te kopen.) Twee verdiepingen met tienduizenden voorwerpen. Op de begane grond voornamelijk beeldhouwwerken. Dit is wel een heel oneerbiedige samenvatting van zoveel schoonheid, maar ik ben geen Egyptoloog. Op de 1e verdieping bevinden zich vele sarcografen, de schatten van Toetanchamon (met o.a. twee half verduisterde zalen vol sieraden en gouden voorwerpen) en een zaal met mummies waaronder Ramses II. Wat zal die man allemaal op zijn geweten hebben, in positieve en negatieve zin, voor de betekenis van Egypte? Ik heb hem nog extra diep in de ogen gekeken. Veel meer kun je niet.

 

In het Nile Hilton bespraken we, onder het genot van een heerlijke cappuccino, wat we wilden bezoeken. We kozen voor de El Azhar moskee. Daar mee lieten we de Koptische wijk schieten. Maar Egypte is tenslotte overwegend islamitisch. Lang niet alle taxichauffeurs willen voor 5 pond rijden. Ze hebben 10 of 15 in hun hoofd. Toch vonden we er één.

 

De moslims, althans die van deze moskee, denken goed aan hun eigen portemonnee. Geld voor het bewaren van onze schoenen, geld voor de ons opgedrongen gids en geld op de grafsteen van de stichter. De grote gebedshal had een ruimte voor 1.000 vrouwen en afgescheiden daarvan voor 4.000 mannen.

 

Vlak bij de moskee ligt een grote Bazaar. De koopwaar is volledig op het toerisme afgestemd, maar om er doorheen te lopen is heel leuk. Je ziet er veel mannen een waterpijp roken. Straatventers en winkeliers klampen je om de haverklap aan. Bovendien boden zich nog een 2e en 3e gids geheel gratis aan. Ze stellen graag hun tijd ter beschikking, maar nooit zonder bijbedoeling. Dat klinkt niet vriendelijk, maar je doet er het beste aan ze beslist te negeren. Allah is groot, maar ik heb gidsen genoeg gezien vandaag. De taxichauffeur die ons voor 5 pond terugbracht, vond zichzelf “a very good driver” en vroeg om een tip. We did not understand, groetten hem vriendelijk en stapten uit. Om half 10 lagen we in bed, want de wekker staat op 5 uur.

    
Nico Laan



 
dag 9

Dag 9                                    

Maandag 31 december 2001

 

Vandaag is het de dag van de koningsgraven. Om 7 uur was iedereen paraat, voor de grote overtocht. We liepen naar de bootjes, waar wij maar met vijf personen op mochten, terwijl makkelijk de hele groep erop kan. Volgens de gids was dit voor onze veiligheid. Aan de overkant aangekomen, worden wij zoals gebruikelijk belaagd door verkopers van souveniers. Met een busje reden we eerst naar de kolossen van Memnon, welke zeer imposant waren, en waarbij je je als mens erg nietig voelt. Daarna zijn we doorgereden naar het tempelcomplex van Habu, waar wij uitleg kregen van de gids.  Het meest opvallende was het verhaal wat uitgebeeld was over de bonussen die Ramses III uitdeelde aan de soldaten, die hiervoor alle door hun gedode tegenstanders één hand moesten afhakken en die aan Ramses III tonen om zo de hoogte van de bonus te bepalen. Zoals Egyptenaren betaamd, werd hiermee gesjoemeld, waarop één van onze bijdehandte dames (Marjan) wel een oplossing wist, die mij persoonlijk door de ziel sneed. Echter om een lang verhaal kort te houden, bleek zij net zo bij de hand als Ramses III, want de sukkel liet inderdaad de penis van de vijand afhakken om de bonus te bepalen. Na dit afschuwelijke verhaal zijn we wat ontdaan doorgereden naar de Al-Deir Al Bahari tempel, welke voor een groot deel is gerestaureerd en met zijn lange trappen en drie plateaus deed denken aan een modern gebouw in oude stijl gebouwd. ook hier kregen we de meest gruwelijke verhalen te horen over een broer die zijn iets te slimme zus dode voor een beetje macht. Hierna even een bezoekje aan een albast fabriekje, waar werd gesuggereerd of alles met roestig handgereedschap word gemaakt. Na een bakje thee en wat souveniers reden we door naar het Dal der Koningen. Daar bezochten we de graven van Ramses III, Ramses IX en Amenophis II waarvan de laatste de mooiste was. Daar ik in de 11/2 week die ik hier ben snel van onze gastheren heb geleerd, had ik door niet nader te verklaren redenen, toch nog een hoekje over voor nog één graf. Dus nam ik de moeite om de stijle trap naar het graf van Tuthmosis III te beklimmen wat zeker de klim waard was. Na deze onvergetelijke ervaring gingen wij terug naar de boten, waar onze veiligheid niet meer zo belangrijk was daar wij nu met elf man in een bootje mochten. Daar het Oudejaarsavond was, had het hotel een uitgebreid buffet gemaakt, wat wij met 15 man hebben genuttigd. Die avond hadden wij Machiel geadopteerd, daar deze door een ongelukkige tafel keuze plotseling wees was geworden. Na de maaltijd kwam Fred Kaps nog even goochelen, wat niet hoogstaand was maar wel gezellig. Al dansend en drinkend zijn wij toen het nieuwe jaar in gegaan en konden we terug kijken op een boeiende en ook gezellige dag.

    
Aage

 

Dag 2 2007


De trappiramide van Djoser

 

4500 jaar oud, laatste farao van de derde dynastie. Ontworpen en gebouwd onder leiding van Imhotep. Imhotep is vermoedelijk afkomstig uit het buitenland want zijn naam betekent hij die in vrede is gekomen. Djoser leefde in Memfis en zijn nekropool lag in Sakkara.

De trappiramide is in verschillende fases ontstaan. De mastaba: opbouw op een onderaards graf (naam komt uit het arabische en betekent bank). De mastaba van Djoser werd steeds breder gemaakt en met een laag verhoogd. Eerst om hem van buiten de muren te kunnen zien, dan om hem vanuit Memfis te kunnen zien. De trappiramide staat binnen een groot complex dat alleen kanworden betreden door één zuilengang van steen (eeuwigheid) nagebootste rietzuilen. Naar buiten bol (het riet leeft nog, is nog vers). Binnen het complex zijn de planten droog en hol.

Yosri laat ons de stenen deuren zien met scharnieren en sluitingen nagebootst in steen. Een klein stuk orgineel plafond is nog te zien (hout in steen).

Het hele terrein is een heb-sed feestplaats in steen. Heb-sed is het feest dat werd gevierd als de farao dertig jaar aan de macht was. Door te lopen en een stier te doden moest hij bewijzen dat hij vitaal genoeg was om de volgende dertig jaar vol te houden. Djoser was een door het volk geliefde en vereerde farao en kon zo tot in eeuwigheid zijn jubileumfeest vieren. Op het terrein kunnen rituelen uitgevoerd worden. Er zijn bijna geen beelden meer te zien.

Het huis van het zuiden heeft cheker-versieringen en binnen inschriften van toeristen uit het Nieuwe Rijk in hiëratisch schrift.

Aan de noordzijde van de trappiramide staat een serdab een schuin gebouwde kamer met twee gaten waardoor men een beeld van Djoser kan zien. Frans vertelde dat de farao door deze gaten naar de noordelijke sterrenhemel blikt die toegang geeft tot het dodenrijk.

De grafkamers zijn niet te bezichtigen.

Langs een trap bij de muur met de cobrakoppen (Ma’at als beschermster) verlaten we het terrein.

 

Nederlandse uitgravingen

Illegaal bezoeken we de graven van Horemheb en Maya die door de universiteit van Leiden worden uitgegraven. Er zijn wandreliëfs te zien waaronder ook een afbeelding van Ma’at.

Het is spannend want het is verboden om te kijken.

Piramide van Unas

4300 jaar oud van de laatste faraovan de vijfde dynastie. Het is nog steeds niet mogelijk om de oudste piramideteksten in de gerestaureerde piramide te bezichtigen. Indrukwekkend is de kilometers lange weg naar het tempelcomplex die volledig overdekt was met een plafond met een blauwe sterrenhemel en muren met reliëfs met scenes uit het leven. Afbeeldingen van dieren. Er is nog een klein stukje bewaard.

 

We lunchen op de resten van een binnenplaats van een karawansarij.

 

Masatba van Ti

Ti (voormalige kapper en later grootvizier van de farao). Prachtige wandreliëfs met scenes uit het dagelijks leven in het oude egypte. Bijvoorbeeld de telling van offergaves, visvangstmethodes, landbouwscenes, handwerkmetho des etc. niet met woorden te beschrijven.

Bijzonder zijn de 36 vrouwen die offers brengen en hërogliefen van de 36 steden die egypte toen had. Er is een offersteen in de vorm van het hiëroglief voor offeren.

 

Masatba van Ptahhotep

Ook niet met woorden te beschrijven. Bijzonder dat de ingangshal niet helemaal is afgewerkt. Zodra de eigenaar was overleden werd niet meer verder gebouwd. Daardoor is te zien hoe reliëfs zijn ontstaan. Prachtige muur met mooie kleuren.

Afbeelding van muzikanten en een zanger tussen veldarbeiders. De zanger bedekt met een hand zijn oor, zoals sommige egyptenaren vandaag ook nog doen zonder te weten waar het vandaan komt.

De ondergrondse tombe moet Frans nog bij een volgend bezoek aan egypte bezichtigen.

Er zit roet op de muren van de tombe van de fakkels van de eerste archeologen. De oude egyptenaren deden natrium in hun fakkels om roetafzetting te voorkomen.

 

Teti piramide

In het noorden van Sakkara. 4300 jaar oud van de eerste farao van de zesde dynastie.

Grafkamer met een sarkofaag uit zwart graniet en een sterrenhemel (die is voorbehouden van de farao) op de muren piramidteksten. Frans legt uit dat de teksten veel ouder moeten zijn dan dit graf. Vermoedelijk zijn deze teksten daarvoor al op papyrus geschreven dat of geroofd of vernield werd. Hier zijnze duurzaam in steen gehakt voor de eeuwigheid.

Er is nog veel meer te zien in Sakkara: mastaba’s met 32 kamers,het Serapeum…

Misschien een volgende keer. Het is 16.00 uur en we zijn moe.

 

   Brigitte Drost

 

 
verslag dag 3

Dag 3

Dinsdag 25 december 2001

 

Eerste Kerstdag

 

Daar hebben we dus weinig van gemerkt. Behalve dan de kerstman die op kerstavond tijdens het diner "cadeautjes" kwam uitdelen.

 

Om 5.15 uur werden we gewekt want om half zeven zou de taxibus komen om ons naar het station te brengen. Vandaag is de dag van 14 uur treinen naar Aswan.

Na een applaus voor de chauffeur en een personeelslid die onze zware tassen boven op de taxi moesten hijsen, we stonden erbij en keken ernaar, reden we door het al weer druk wordende Caïro. Maar met veel getoeter en doorduwen kwamen we ruim op tijd op het station. Lopende over het perron kwam de trein net binnenlopen.

 

De trein zag er oud en vies uit, maar de stoelen waren comfortabel en veel beenruimte.

Dan volgt er een lange zit van kijken en slapen en kijken en eten en kijken en lezen. We volgen een zijtak van de Nijl, meer een breed slootje, die af en toe wat breder wordt.

 

Maar aan dat water speelt zich van alles af:

-          Jonge en oude vrouwen doen de was in dit vuil uitziende water. Ze hebben grote zilverkleurige schalen voor de schone was om in te doen.

-          Veel huisjes, hutjes van leem, riet en hout. Daartussen lopen koeien, geiten, kippen.

-          Veel ezeltjes als vervoermiddel voor jong en oud en als pakezel voor de balen  rietsuikerstengels en groene gewassen (waarschijnlijk veevoer).

-          Al die mensen (mannen en vrouwen) lijken op Maria en Jozef op hun ezel. Toch nog een kerstgedachte. Ook de hutjes zouden heel goed voor
           het stalletje van Betlehem door kunnen gaan ware het niet dat Betlehem niet in Egypte ligt.

-          Rond half drie komen de schoolkinderen met hun rugtasjes in beeld. Vaak keurig gekleed, de meisjes met hun spierwitte hoofddoeken en zwarte rokken.

 

Verrassend is het zien van:

-          Een man met een spierwitte kaftan op een heel grauw station tussen allemaal donkergeklede mensen.

-          Een jonge vrouw in een kobaltblauwe jurk naast een vuilnisbelt.

-          Een kind dat leert fietsen tussen de ezeltjes en ossenkarren.

-          Grote schotelantennes op kleine hutjes van leem en stro.

 

Op de wat grotere stations komen diverse handelaren de trein in hun drankjes, pinda's, zakdoekjes e.d. proberen te verkopen. Maar wij, als zuinige Hollanders, hadden alles al bij ons, op advies van Marly. Maar de warme (slappe) koffie was welkom en weer even wat anders dan water.

 

Al met al was er veel te zien en gingen de uren best snel. Maar het werd al vroeg donker en dan is er alleen nog een boek en wat slapen. Om 21.00 uur bereiken we Aswan.

 

Cocky Grootscholten.

 



Powered by Joomla!. Designed by: Free Joomla Template, website hosting. Valid XHTML and CSS.